In de tuin vechten
de vogeltjes om het voer.
Een vrolijk gezicht!
315
Stilstaan in het bos –
luisteren naar het geluid
van een vallend blad.
314
Late herfstkleuren
doen de winterkaalte nog
even vergeten.
313
Wat moet ik hoesten!
Buiten valt de roodborst stil.
Ik doe het raam dicht.