Wat moet ik hoesten!
Buiten valt de roodborst stil.
Ik doe het raam dicht.
312
Elk half jaar komt trouw
de pianostemmer langs;
altijd goed gestemd.
311
Op een boomtop tuurt
een aalscholver om zich heen.
Wat zoekt hij zo hoog?

310
Het daglicht krimpt weer.
De dieren kruipen in hun schulp.
En wij? Doen we mee?