Weer weven bomen
hun ragfijn web van twijgen.
Levend filigrein.
63
Glaasje jenever.
Ik nip er bedachtzaam aan.
Wat is het snel leeg!
62
Passagiers zijn wij
op ruimteschip De Aarde.
Waar is de haven?
61
Een fuut dobbert rond
in schijnbare afwachting.
Eenden daten ook.