Stilte na de storm.
Hoe anders voelt deze dan
stilte voor de storm.
64
Weer weven bomen
hun ragfijn web van twijgen.
Levend filigrein.
63
Glaasje jenever.
Ik nip er bedachtzaam aan.
Wat is het snel leeg!
62
Passagiers zijn wij
op ruimteschip De Aarde.
Waar is de haven?