Veel boomwortels op
het bospad. Soms struikelend
vervolg ik mijn weg.
268
Essentakken gaan
niet gewoon dood. Ze sterven.
Opdat we rouwen?
267
Snel, bel de brandweer:
een hart staat in vuur en vlam.
Onblusbaar, helaas.
266
Een zacht ritselen
loopt door het gebladerte.
Er staat dus toch wind.