Een jonge egel
scharrelt rond – heeft nog geen zin
in zijn winterslaap.
189
Hoe verder van de kust,
hoe groter het verlangen
er naartoe te gaan.
Wie de reis naar zee aanvaardt,
keert getroost naar huis terug.
(tanka, voor Wilma en Alwin)
188
Wat drijft daar op de
rug in de kleine vijver?
Ook kikkers sterven.
187
Langs de lange laan
vergelen de hoge linden.
Het kleurenseizoen!